U bent hier:
FAQ - Vragen en antwoorden

Hoe heet mogen magneten worden?

Dat hangt van verschillende factoren af:
  • het gebruikte magneetmateriaal (neodymium of ferriet)
  • het temperatuurtype van de magneet
  • de magneetvorm
  • de rangschikking van de magneten in een groep
Neodymium magneten van het type N verliezen vanaf 80C voorgoed een gedeelte van hun magnetisering, magneetband en -folie vanaf 85 C, Ferritmagneten pas vanaf 250 C.
Sterke afkoeling (bijv. in vloeibaar stikstof) schaadt de neodymium magneten niet. Ferriet magneten verliezen echter beneden -40 C een gedeelte van hun magnetisering, magneetband en magneetfolie reeds beneden -20 C.
Inhoudsopgave:
Verhit men een magneet tot boven zijn zogenaamde "maximale gebruikstemperatuur", dan gaat een gedeelte van zijn magnetisering verloren. Hij houdt dan bijv. minder stevig aan een ijzeren plaat vast, ook nadat hij weer is afgekoeld. Vanaf een bepaalde temperatuur, de zogenaamde '"Curie-temperatuur") blijft absoluut geen enkele magnetisering over.

Types van temperatuurverliezen (= Verlies van de magnetisering door hoge temperatuur)

Al naar gelang van de hoogte van de temperatuur onderscheidt ment tussen omkeerbare, onomkeerbare en permanente verliezen.
  • reversibel (omkeerbaar)
  • irreversibel (onomkeerbaar)
  • permanent

Omkeerbaar temperatuurverlies

  • Temperatuurgebied: net boven de maximale gebruikstemperatuur
  • De magneet is alleen magnetisch zwakker, zo lang hij heet is
  • Koelt hij weer af, dan bereikt hij zijn oorspronkelijke sterkte weer volledig.
  • Daarbij komt het er niet op aan, hoe vaak de magneet verhit en weer afgekoeld wordt.

Onomkeerbaar verlies

  • Temperatuurgebied: duidelijk boven de maximale gebruikstemperatuur
  • De magneet is blijvend verzwakt, ook nadat hij weer is afgekoeld.
  • Het meermaals verhitten op dezelfde temperatuur versterkt de onomkeerbare verliezen niet.
  • Door een voldoend sterk uitwendig magneetveld kan een irreversibel verzwakte magneet door een nieuwe magnetisering weer op zijn oorspronkelijke sterkte worden gebracht.

Permanent verlies

Bij temperaturen rondom de curietemperatuur begint zich de structuur der permanente magneten permanent te veranderen. Opnieuw magnetiseren is daarna niet meer mogelijk.
Alle hiervoor beschreven soorten van temperatuurverliezen komen in de volgende video voor. De autuer onderscheidt daarin tussen "verwarmen" (omkeerbaar), "verhitten" (onomkeerbaar) en "gloeien" (permanent). Op het laatst wordt zels een magneet gesmolten. Het is waarschijnlijk nauwelijks een verrassing, dat hij daarna geen magnetisering meer vertoonde.

Verhittingsduur

De verhittingsduur heeft bij onomkeerbare verliezen slechts een minimale invloed op de sterkte van de verliezen (voorwaarde: de temperatuur binnenin de magneet is gedurende de verhitting overal hetzelfde). Wordt een dikke magneet kort sterk verhit, kan de temperatuur aan de buitenkant veel hoger zijn als de maximale kerntemperatuur in de magneet. Dan zijn de temperatuurverliezen afhankeliljk van de locatie - de magneet is dus onregelmatig gemagnetiseerd.

Magneetvorm, magnetiseringsrichting en rangschikking

Of bij de verhitting onomkeerbare verliezen optreden, hangt naast van het temperatuurtype van een magneet ook nog van volgede faktoren af:
  • vorm van de magneet
  • magnetiseringsrichting
  • rangschikking in een groep van magneten
De max. gebruikstemperaturen zijn dus altijd uitsluitend richtwaardes.

Magneetvorm

De aangegeven maximale temperatuur kan uitsluitend dan probleemloos worden gebruikt, wanneer de lengteverhoudingen der zijden van de magneten "optimaal" zijn. Daarvoor geldt de volgende regel: een erg dunne resp. platte (platheid = doorsnede gedeeld door de hoogte) magneet leidt onomkeerbare verliezen al door temperaturen, die onder de aangegeven maximale gebruikstemperatuur liggen.
Is de verhouding van doorsnede tot hoogte echter minder dan 4, dan kan de magneet sterker dan de aangegeven maximale gebruikstemperatuur worden verhit zonder zijn magnetisering te verliezen.
Voorbeelden van daadwerkelijke max. gebruikstemperaturen voor vrijstaande neodymium schijfmagneten:
Magneet Doorsnede/hoogte (vlakheid) aangegeven max. gebruikstemperatuur daadwerkelijke max. gebruikstemperatuur
S-10-01-N 10 80C ca. 60C
S-20-05-N 4 80C ca. 80C
S-06-06-N 1 80C ca. 140C

Magnetiseringsrichting bij ringmagneten

Bij diametraal gemagnetiseerde ringmagneten ligt de maximale gebruikstemperatuur waarschijnlijk wezenlijk lager. Wij raden u aan, van te voren tests door te voeren, indien de magneten aan verhoogde temperaturen moeten worden blootgesteld.

Rangschikking der magneten

Hoe sterker een magneet in een bepaalde rangschikking aan een tegengesteld veld is blootgesteld, des te lager is zijn daadwerkelijke maximale gebruikstemperatuur.
De kleinste temperatuurverliezen treden dus op bij rangschikkingen, waar een magneet in een magneetkring (analoog aan een stroomkring) magnetisch is 'kortgesloten'. bij een magnetische kortsluiting zijn de beide polen door een hoogdoorlatend, onverzadigd ferromagnetisch materiaal zoals bijv. weekijzer verbonden. In deze kortsluitingsrangschikking bevindt zich namelijk in de magneet geen tegengesteld veld. Deze kortsluitingsrangschikking is in de praktijk weliswaar zelden.

Eigenschappen van neodymium magneten

Hier een overzicht van de verschillende temperatuurtypes (overgenomen uit de pagina Fysische magneetwaarden).
Temperatuurtype Max. gebruikstemperatur Curie-temperatuur
N 80C * 310C
M 100C 340C
H 120C 340C
SH 150C 340C
UH 180C 350C
EH 200C 350C
AH 230C 350C
* De maximale gebruikstemperaturen in deze tabellen zijn uitsluitend richtwaarden. Magneten met de magnetiseringsgraad N52 hebben een max. gebruikstemperatuur van 65C.
Voor toepassingen met neodymium magneten bij hogere temperaturen dan 80 C bieden wij enige speciale magneettypes met hogere gebruikstemperaturen aan. Opent u hiervoor onze tabel met alle neodymium magneten en soorteert u deze op temperatuur (laatste kolom).
Voor hogere temperaturen zijn ferriet magneten duidelijk beter geschikt (zie beneden).

Eigenschappen van ferriet magneten

Hier een overzicht over onze ferriet magneten (overgenomen van de pagina Fysieke magneetwaarden).
Temperatuurtype Max. gebruikstemperatuur Curietemperatuur
Y35 250 C 450 C

Eigenschappen van magneetband en magneetfolie

Temperaturen beneden -20 C en boven 85 C beschadigen de struktuur van magneetband en magneetfolie. De producten verliezen daardoor permanent een deel van hun houdkracht. Gebruikt u ze daarom niet op plekken, waar hoge of bijzonder lage temperaturen heersen.

Kunnen magneten door het onderdompelen in vloeibare stikstof worden beschadigd?

Neodymium magneten worden door het onderdompelen in vloeibare stikstof, dat een temperatuur van -196C (77 K) heeft, niet beschadigd. Ze kunnen daarom probleemloos voor supergeleider-experimenten worden gebruikt.
Ferriet magneten verliezen bij temperaturen beneden -40 C een gedeelte van hun magnetisering voorgoed. U mag ze daarom niet sterk afkoelen.
Magneetband en magneetfolie verliezen bij temperaturen beneden -20 C een gedeelte van hun magnetisering voorgoed. U mag ze daarom niet sterk afkoelen.